Toepassingen 13 min

Spanningsval in Motorcircuits

Spanningsval bij Motorinstallaties

Motorcircuits vereisen bijzondere aandacht bij spanningsvalberekeningen vanwege de hoge startstromen en continue bedrijfsomstandigheden. In de Nederlandse industrie zijn driefase inductiemotoren verreweg het meest voorkomende type, variërend van kleine pompmotoren tot zware productiemachines. Een correct ontworpen motorvoeding is essentieel voor betrouwbare bedrijfsvoering.

Startstroom en Koppel

Het belangrijkste kenmerk van inductiemotoren dat spanningsvalberekeningen beïnvloedt, is de startstroom. Bij direct-on-line (DOL) starten kan de startstroom 6-8 maal de nominale stroom bedragen. Deze hoge stroom veroorzaakt een tijdelijke maar aanzienlijke spanningsval.

6-8×
Startstroom

DOL start t.o.v. nominaal

Koppel ~ Spanning²

10% minder spanning = 19% minder koppel

80%
Minimale Spanning

Veel motoren vereisen minimaal 80% Un bij start

Startmethoden en Hun Impact

Om de spanningsval tijdens het starten te beperken, worden in de Nederlandse industrie verschillende startmethoden toegepast:

Direct-On-Line (DOL)

Startstroom: 6-8× nominaal. Eenvoudig en goedkoop, maar geeft de hoogste spanningsval. Geschikt voor kleine motoren tot circa 5,5 kW (afhankelijk van het net).

Ster-Driehoek Start

Startstroom: circa 2× nominaal (1/3 van DOL). Gangbaar voor motoren van 5,5 kW tot 30 kW. Het koppel tijdens de sterfase is slechts 1/3 van het nominale koppel.

Softstarter

Startstroom: 2-4× nominaal, instelbaar. Geleidelijke opstart beperkt de spanningsval. Populair voor pompen, ventilatoren en compressoren.

Frequentieregelaar (VFD)

Startstroom: circa 1× nominaal. Elimineert de startstroomproblematiek vrijwel volledig. Biedt ook energie-efficiëntievoordelen bij variabele belasting.

Berekening Motorcircuit

Bij het ontwerpen van een motorvoeding moet de spanningsval zowel bij nominale bedrijfsstroom als bij startstroom worden gecontroleerd. Een voorbeeld: 15 kW driefase motor, 400V, 30A nominaal, DOL start (7× = 210A), kabellengte 40 meter:

Berekening bij Nominale Stroom

Kabel: 6 mm² Cu, R = 3,08 Ω/km, cos φ = 0,85

Vd = √3 × 30 × 0,04 × 3,08 × 0,85

Vd = 5,44 V (1,36%) — OK

Berekening bij Startstroom (DOL)

Startstroom: 210A, cos φ start ≈ 0,3

Vd = √3 × 210 × 0,04 × (3,08 × 0,3 + 0,08 × 0,954)

Vd = 14,55 × (0,924 + 0,076)

Vd = 14,55 V (3,64%) — Acceptabel voor starten

Tips voor Motorinstallaties

Praktische Aanbevelingen

  • • Bereken altijd de spanningsval bij zowel nominale stroom als startstroom
  • • Controleer of het beschikbare koppel voldoende is voor de belasting bij het startmoment
  • • Overweeg een softstarter of VFD voor motoren op lange kabeltracés
  • • Houd rekening met de invloed van het motorstarten op andere belastingen op hetzelfde net
  • • Raadpleeg de motorspecificaties voor het minimale aansluitspanning

Start Calculating

Ready to apply these concepts to your project? Use our professional voltage drop calculator.

Open Calculator

Related Articles